Antidemocratisch gedrag in Nederland
Criteria
Democratie en rechtsstaat
In de meeste Europese landen zijn de begrippen ‘democratie’ en ‘rechtsstaat’ onverbrekelijk met elkaar verbonden. Die nauwe verbondenheid tussen democratie en rechtsstaat neemt niet weg dat de rechtsstaat langs democratische weg ondermijnd kan worden. Het belangrijkste doel van deze website is het leveren van concrete voorbeelden van ondermijnend gedrag, tezamen met een korte verklaring waarom dat gedrag ondermijnend is. Het uitgangspunt is, dat democratische rechtsstaat zich niet alleen mag maar ook moet verdedigen.
De democratie heeft twee belangrijke peilers: (A) de waardigheid van elk mens apart en (B) de gelijkheid van mensen onderling. Het gevolg van (A) is, dat iedere burger mag deelnemen aan de inrichting van de samenleving en aan die inrichting een aantal fundamentele vrijheidsrechten en bescherming kan ontlenen. Het gevolg van (B) is, dat iedere burger gelijk is voor de wet. In Nederland heeft een en ander geleid tot de volgende vier belangrijke democratische principes, die in onze wetten verankerd zijn.
Democratische principes
Gelijkheid Iedereen is gebonden aan en gelijk voor de wet. Dat geldt speciaal voor minderheden. Het feit dat we ons genoodzaakt voelen dit te vermelden is zorgwekkend. Een democratische rechtsstaat beschermt de rechten van minderheden actief.
Scheiding Er is een scheiding tussen de verschillende machten in de staat, met een bijbehorende scheiding van verantwoordelijkheden. Het gaat om macht en tegenmacht. Pregnante voorbeelden zijn de Trias Politica en de controlerende rol van de Eerste of Tweede Kamer c.q. de adviserende rol van de Raad van State versus de bestuurlijke rol van de regering. Ook de eenheid van kabinetsbeleid (geen scheiding van opvattingen tussen verschillende ministers) valt onder dit principe. Elk onderdeel van de staatsmachten dient een advies of uitspraak van een adviserende macht of tegenmacht onderbouwd op merites te beoordelen en die beoordeling in de besluitvorming mee te nemen. In het bijzonder geldt dat voor de regering, Eerste of Tweede Kamer zowel het ambtenarenapparaat als de rechterlijke macht belangrijke tegenmachten zijn. Voor overheidsdienaren geldt: persoonlijke aanvallen op rechters, het zaaien van twijfel aan de legitimiteit van een rechterlijke uitspraak of de rechterlijke macht en zeker het aanzetten tot of aankondigen van niet-naleving van een (uitvoerbaar) vonnis is een schending van dit principe. Overheidsdienaren moeten zich ook onthouden van elk commentaar op lopende zaken. Wat wel kan is melden dat je het oneens bent met een uitspraak en in hoger beroep gaat. Wat ook kan is dat de Tweede Kamer wetgeving aanneemt waardoor een rechterlijke uitspraak in de toekomst zou wijzigen. Het is in het algemeen een taak van de uitvoerende macht om de onafhankelijke instanties die de rechtsstaat stutten en scherp bij de les houden, waaronder de onafhankelijke en onpartijdige media, te koesteren en publiekelijk te steunen in hun rol.
Mensenrechten Alle fundamentele mensenrechten worden erkend in onze wetten en dienen door alle burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties nageleefd te worden.
Rechtstoegang Er is toegang voor allen tot voldoende onafhankelijke en onpartijdige rechters. Dit impliceert dat de drempel voor burgers laag is, dat ondermijning of onderfinanciering van de rechtspraak, de sociale advocatuur en gespecialiseerde vormen van rechtshulp niet toegestaan is en dat er altijd voldoende rechters en advocaten beschikbaar moeten zijn. Dit kan vastgesteld worden door tenminste twee onafhankelijke audits. Politieke beïnvloeding van (tucht)rechters, rechtbankbestuurders en instituties zoals de Raad voor de rechtspraak is niet toegestaan.
Democratische spelregels
Om het geheel praktisch te laten werken zijn er in de loop van de geschiedenis (vaak ongeschreven) spelregels afgesproken waar iedereen zich aan moet houden of moet ondersteunen. Het gaat met name om de volgende spelregels.
Voorbeeldgedrag Politici en overheidsambtenaren hebben een voorbeeldfunctie die ten doel heeft de democratie te ondersteunen. Met name politici dienen in woord en gedrag, publiekelijk en privé, hun politieke tegenstanders als volstrekt legale deelnemers aan het publieke debat te aanvaarden. Meningen zijn nu eenmaal niet uniform en zullen dat ook nooit worden. Er zijn geen politieke vijanden, tenzij het specifiek gaat om politici die expliciet tot doel hebben om de democratie te ondermijnen. Wees enorm voorzichtig met het scheppen van vijandbeelden. En zelfs dan geldt: op de mens spelen, met modder gooien, verdachtmakingen, intimidatie of chantage horen niet bij het democratische spel, omdat dergelijk gedrag de democratische normen en waarden (verder) ondermijnt. En de geschiedenis laat zien dat dit bijna altijd averechts werkt. Doe dat dus niet. Woorden doen er toe. En bij herhaling de verkeerde woorden gebruiken teneinde meningsvorming op onterechte wijze een bepaalde kant op te krijgen hoort er ook niet bij. Woorden en zinnen dienen hun basis in feitelijkheid te hebben. Woorden doen er toe. Zie dit artikel voor een nadere uitwerking.
Terughoudendheid Politici, overheidsambtenaren en bestuurders (namens de overheid) op alle niveaus dienen altijd ruim binnen de marges van de wet te opereren. Het opzoeken van de randen van de wet kan alleen geaccepteerd worden in noodsituaties. Overheden mogen de schijn niet tegen hebben. Dit impliceert in het bijzonder dat de schijn van corruptie altijd onderzocht moet worden en alleen geseponeerd mag worden bij gebrek aan bewijs. Beleid, waarvan het vermoeden bestaat dat een rechter dit zal afkeuren, mag niet naar de Eerste of Tweede Kamer gestuurd worden en mag niet in regelgeving of actief beleid omgezet worden. Tenzij, wederom, er sprake is van een noodsituatie. Zie dit artikel voor een nadere uitwerking. En dit artikel benadert dezelfde problematiek vanuit een meer filosofisch gezichtspunt.
Evenwicht Het evenwicht tussen de verantwoordelijkheden van de staatsmachten onderling en het evenwicht tussen de staat enerzijds en maatschappelijke organisaties (waaronder politieke partijen) anderzijds is gebaseerd op langjarig uitgekristalliseerde ‘checks en balances’. Alle beleidsvoorstellen, die aanvullingen op, wijzigingen van, afschaffen van of negeren van de vigerende ‘checks en balances’ impliceren, moeten met wantrouwen bekeken worden op hun consequenties. En die consequenties moeten van te voren duidelijk gemaakt zijn op basis van transparant en degelijk onderzoek. Dat geldt met name voor zaken als het minder onafhankelijk maken van staatsmachten of toezichthouders, het functioneren van de Eerste en Tweede Kamer, het wetgevingsproces, de bescherming van minderheden of maatschappelijke organisaties en de beı̈nvloeding van het politieke proces door het publieke debat en demonstraties. Ondermijning en onderfinanciering van staatsmachten en onafhankelijke toezichthouders is niet toegestaan. En elk wetsvoostel, dat in deze context past, moet altijd vooraf getoetst zijn door ten minste twee onafhankelijke audits, die aantonen dat het wetsvoorstel de democratische rechtsstaat niet schaadt en liefst duidelijk verbetert.
Burger Het rechtmatige belang van burgers en hun maatschappelijke instellingen gaat altijd voor op het rechtmatige belang van de overheid, tenzij er zich een in de wet vastgelegd zwaarwegender belang aandient. Bij twijfel gaat de burger voor. De overheid is er voor de burger en niet andersom. Zie dit artikel voor een nadere uitwerking
Feitelijkheid Persvrijheid en gediversifieerde media, die onafhankelijk van de overheid hun werk mogen, kunnen en moeten doen, is essentieel voor het uitoefenen van controle op de bezigheden van de overheid en verslaglegging van alle relevante gebeurtenissen in de maatschappij conform journalistieke normen. Dat laatste impliceert waarheidsgetrouwheid, zodat burgers de gepubliceerde informatie kunnen vertrouwen. Verdachtmaking, intimidatie of bedreiging van journalisten of wetenschappelijke werkers hoort niet bij het democratische spel. De belangrijkste onderdelen van het medialandschap zijn de publieke media, die gefinancierd worden door de overheid, en zoveel mogelijk burgers tegen minimale kosten moeten kunnen bereiken. Ondermijning en onderfinanciering van publieke media is niet toegestaan. Dit kan transparant getoetst worden door ten minste twee onafhankelijke audits. Hetzelfde geldt voor toegang tot wereldwijde wetenschappelijke resultaten voor zoveel mogelijk burgers en het functioneren van het onderzoek aan onze universiteiten, hogescholen en scholen voor hoger beroepsonderwijs. Tenslotte is feitelijkheid gediend bij onafhankelijke plan- en onderzoeksinstellingen zoals - maar niet beperkt tot - instituties zoals het CBS en het CPB. Ook hier gelden dezelfde opmerkingen m.b.t. ondermijning, onderfinanciering en audits.
Betrouwbaarheid Betrouwbaar gedrag van politici, overheidsambtenaren en bestuurders (namens de overheid) is essentieel voor een gezonde rechtsstaat. Het waarborgt dat wetten in de realiteit voor iedereen gelden, dat machtsverhoudingen ook echt in balans blijven, dat mensenrechten werkelijk worden gerespecteerd en dat burgers ook feitelijk eerlijke rechtsbescherming krijgen. Zonder deze betrouwbaarheid verliest de overheid haar gezag en de burger zijn vertrouwen — en daarmee wankelt de rechtsstaat. Betrouwbaar gedrag impliceert ook dat politici en ambtenaren actief de waarheid onderzoeken, de waarheid spreken, alle relevante feiten noemen en het verspreiden van desinformatie zowel vermijden als veroordelen. Wetenschappelijke resultaten, verkregen op basis van onafhankelijke financiering en conform wetenschappelijke normen, zijn niet ’ook maar een mening’ doch vertegenwoordigen de beste kennis die mensheid op elk moment heeft. Het publiekelijk in twijfel trekken van feiten die op basis van de vigerende journalistieke of wetenschappelijke normen geborgd worden is ondermijnend voor de democratie. Evenals het verspreiden van desinformatie door politici, overheidsambtenaren en bestuurders (namens de overheid). Er zijn overigens veel zaken waarvan het waarheidsgehalte (nog) niet bekend is. Het presenteren van dergelijke zaken als waar of juist onwaar (wat vaak gebeurt bij suggestief taalgebruik) valt onder het verspreiden van desinformatie. Tenslotte impliceert betrouwbaar gedrag ook een redelijke vorm van continuïteit in beleid, zodat burgers en bedrijven weten waar ze aan toe zijn en iets hebben om hun beslissingen op te baseren. Wijziging van beleid dient altijd rekening te houden met de gevolgen die dat heeft voor burgers en bedrijven die vertrouwden op dat beleid.
Antidemocratisch gedrag
Er zijn 4 vormen van antidemocratisch gedrag:
Vorm (a) Als een burger, een groep burgers of rechtspersoon iemand belastert, bedreigt, intimideert, omkoopt, chanteert, of meer algemeen tot haat aanzet, geweld pleegt of ondermijnend crimineel gedrag vertoont is dat antidemocratisch gedrag, omdat deze gedragingen regelrecht de fundamenten van onze rechtsstaat aantasten.
Vorm (b) Als een politicus, overheidsambtenaar of publiek bestuurder zondigt tegen de geest van de democratische principes of spelregels is dat antidemocratisch gedrag.
Vorm (c) Als een overheidsambtenaar, politicus of publiek bestuurder iemand belastert, bedreigt, intimideert, omkoopt, chanteert, of meer algemeen tot haat aanzet, geweld pleegt of ondermijnend crimineel gedrag vertoont is dat ernstig antidemocratisch gedrag, omdat deze gedragingen van een vertegenwoordiger van de rechtsstaat, die het goede voorbeeld moet geven, regelrecht de fundamenten van onze rechtsstaat aantast.
Vorm (d) Als een burger of groep burgers zich binnen een politieke context haatdragend, gewelddadig of crimineel gedraagt is dat ongelooflijk ondermijnend voor de rechtsstaat en dus een vorm van zeer ernstig antidemocratisch gedrag die we met politiek geweld aanduiden. Indien de politieke context extreem-rechts is spreken we van fascistisch geweld.
Merk op dat de vormen (a) en (c) over hetzelfde soort gedrag gaan, maar dat ditzelfde gedrag anders benoemd wordt omdat overheidsambtenaren, politici of publieke bestuurders voorbeeldgedrag dienen te vertonen.
Wat is het probleem?
Hoe erg is antidemocratische gedrag eigenlijk? Wat is het probleem? Het probleem is niet dat ene voorbeeld, of zelfs die paar voorbeelden. Het probleem zit in stelselmatig antidemocratisch gedrag. Het stilzwijgend tolereren daarvan kan anderen het idee geven dat het wel prima is om je zo te gedragen. Goed voorbeeld doet goed volgen. En sommige anderen gaan dat dan, om verschillende persoonlijke redenen, ook echt doen. En versterken zo een maatschappelijk fenomeen dat de democratie stelselmatig ondermijnt. Wat eerst onaanvaardbaar was wordt aanvaardbaar. De grenzen verschuiven ongemerkt keer op keer. Met als onvermijdelijke uitkomst een vorm van autocratie. Daarom willen we dit een halt toeroepen, door saillante voorbeelden van antidemocratisch gedrag als zodanig te benoemen, en dus niet meer stilzwijgend te tolereren. Help ons daarbij op je eigen manier.